150 jaar leven in Eindhoven 11 - Textiel een verdwenen bedrijfstak -
18540
portfolio_page-template-default,single,single-portfolio_page,postid-18540,cookies-not-set,woocommerce-no-js,ajax_fade,page_not_loaded,,qode-title-hidden,qode_grid_1300,columns-3,qode-theme-ver-11.0,qode-theme-bridge,wpb-js-composer js-comp-ver-4.11.2.1,vc_responsive
Categorie
150 jaar leven in Eindhoven
Over dit project

In dit nummer in de serie 150 jaar leven in Eindhoven wordt teruggeblikt naar de textielnijver­heid die eeuwenlang een van de economische pijlers in het bestaan van de Eindhovenaren was. Door mechanisatie groeit de textiel in de tweede helft van de negentiende eeuw lang­zamerhand uit tot een industrie, terwijl de ambachtelijke traditie daarnaast nog lange tijd blijft bestaan. Derhalve werkt het ambachtelijke karakter ook in de twintigste eeuw nog door in de textielindustrie. In Eindhoven komen mooie, degelijke producten met veel vakmanschap tot stand. Ondanks de expansieve groei van Philips verdienen nog altijd enkele duizenden mensen hun brood in deze sector. De kwaliteit wordt alom geroemd. Het BARA-markiezendoek, het huishoudtextiel van Elias en de gordijnstoffen van De Haes zijn rond 1950 een begrip in Nederland. Echter in de daaropvolgende kwarteeuw valt het doek voor de meeste bedrijven. Slechts één onderneming, die van Léo Schellens als gespecialiseerd producent van mohair velours, blijft over. In 2009 verdwijnt ook dit bedrijf uit de stad en wordt voortgezet in een nieuw onderkomen in Helmond. Inmiddels zijn Eindhovense onderzoeksinstellingen wel weer betrokken bij het ontwikkelen van ‘smart textiles’ ofwel slim textiel. Betekent dit een mogelijke herleving van de Eindhovense textieltraditie?

Bij het maken van alle stoffen zijn vele handen en hoofden betrokken. Een bijzondere plaats nemen de ontwerpers in. Binnen de Nederlandse textiel is Eindhoven voor tientallen jaren onbetwist leidend in design. Vele sierkunstenaars van naam en faam ontwerpen allerlei patronen onder vele fraaie benamingen. De natuur is daarbij hun belangrijkste inspiratiebron. Gestileerde dieren en planten treft men op menig tafellaken en op stoelbekleding aan. De Eindhovense textiel produceert veel luxe goederen die via particuliere verkoop en chique showrooms afzet vinden. Verbreding van het assortiment in de naoorlogse periode biedt uiteindelijk geen soelaas en de textielindustrie verdwijnt. In musea in Nederland en het buitenland wordt de roem van textielstad Eindhoven gekoesterd en valt er tijdens exposities te bewonderen.